Om een octrooi aan te vragen, moet je uitvinding aan drie wettelijke basisvereisten voldoen: ze moet nieuw zijn, inventief (niet voor de hand liggend voor een vakman), en industrieel toepasbaar. Deze eisen gelden zowel voor nationale octrooien via het Octrooicentrum Nederland als voor Europese octrooien via het Europees Octrooibureau. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over octrooieerbaarheid, van de basisvereisten tot praktische tips vóór het indienen van je aanvraag.
Aan welke eisen moet een uitvinding voldoen om octrooieerbaar te zijn?
Een uitvinding is octrooieerbaar als ze voldoet aan drie cumulatieve eisen: nieuwheid, inventiviteit en industriële toepasbaarheid. Alle drie de voorwaarden moeten tegelijk aanwezig zijn. Ontbreekt er één, dan verleent het octrooibureau geen octrooi, ongeacht hoe innovatief de uitvinding lijkt.
Deze drie eisen zijn vastgelegd in zowel de Nederlandse Rijksoctrooiwet 1995 als het Europees Octrooiverdrag. Ze vormen de juridische basis waarop octrooigemachtigden en octrooibureaus elke aanvraag beoordelen.
- Nieuwheid: de uitvinding mag nergens ter wereld eerder openbaar zijn gemaakt, op welke manier dan ook.
- Inventiviteit: de uitvinding mag niet voor de hand liggen voor een gemiddelde vakman die de stand van de techniek kent.
- Industriële toepasbaarheid: de uitvinding moet bruikbaar zijn op een technisch of industrieel gebied.
Naast deze drie inhoudelijke eisen moet een octrooiaanvraag ook aan formele vereisten voldoen, zoals een duidelijke beschrijving van de uitvinding, conclusies die de beschermingsomvang definiëren, en eventueel tekeningen. De inhoudelijke eisen zijn echter doorgaans de grootste drempel voor veel aanvragers.
Wat is het verschil tussen nieuwheid en inventiviteit bij een octrooi?
Nieuwheid betekent dat de uitvinding nog niet eerder openbaar is gemaakt. Inventiviteit gaat een stap verder: de uitvinding mag ook niet logisch of voor de hand liggend zijn als combinatie van bekende elementen. Een uitvinding kan nieuw zijn zonder inventief te zijn, maar nooit inventief zonder ook nieuw te zijn.
Het onderscheid is in de praktijk belangrijk. Stel: je combineert twee bekende technieken op een manier die nergens eerder is gepubliceerd. De uitvinding is dan nieuw, maar als een vakman die combinatie als vanzelfsprekend zou beschouwen, ontbreekt de inventiviteit.
Bij de beoordeling van inventiviteit vergelijkt het octrooibureau de uitvinding met de meest relevante stand van de techniek, ook wel de “closest prior art” genoemd. Vervolgens formuleert het de objectieve technische taak die de uitvinding oplost, en beoordeelt het of de oplossing voor een vakman voor de hand lag. Dit is de zogenoemde “problem-and-solution approach” die het Europees Octrooibureau hanteert.
In de praktijk is inventiviteit het criterium waarop de meeste aanvragen worden afgewezen of beperkt. Een goede formulering van de octrooiconclusies speelt daarbij een grote rol.
Welke uitvindingen komen niet in aanmerking voor octrooibescherming?
Niet alles wat nieuw en inventief is, valt onder octrooibescherming. De wet sluit bepaalde categorieën uitdrukkelijk uit, ongeacht of ze aan de drie basisvereisten voldoen. De bekendste uitgesloten categorieën zijn ontdekkingen, wiskundige methoden, mentale handelingen, computerprogramma’s als zodanig, en methoden voor medische behandeling.
Hieronder een overzicht van wat uitdrukkelijk is uitgesloten van octrooibescherming:
- Ontdekkingen en wetenschappelijke theorieën (een nieuw natuurverschijnsel is geen uitvinding)
- Wiskundige methoden en abstracte concepten
- Esthetische vormgevingen (die vallen onder modelrecht of auteursrecht)
- Computerprogramma’s als zodanig (software met een technisch effect kan wél octrooieerbaar zijn)
- Methoden voor chirurgische of therapeutische behandeling van het menselijk lichaam
- Uitvindingen waarvan de commerciële toepassing in strijd is met de openbare orde of goede zeden
De grens is niet altijd scherp. Software die een technisch probleem oplost of een technisch effect heeft, kan in bepaalde gevallen wél worden geoctrooieerd. Hetzelfde geldt voor diagnostische methoden die buiten het menselijk lichaam worden uitgevoerd. Het is daarom verstandig om met een octrooigemachtigde te bespreken of jouw specifieke uitvinding binnen of buiten de uitgesloten categorieën valt.
Hoe beïnvloedt publicatie vóór de aanvraag de octrooieerbaarheid?
Publicatie van je uitvinding vóór de octrooiaanvraag tast de nieuwheid aan en kan octrooibescherming onmogelijk maken. Dit geldt voor elke vorm van openbaarmaking: een wetenschappelijk artikel, een presentatie op een beurs, een persbericht, of zelfs een openbare demonstratie. Het maakt niet uit of jijzelf publiceert of iemand anders.
Het nieuwheidscriterium is absoluut: zodra informatie over de uitvinding publiek beschikbaar is, behoort die informatie tot de stand van de techniek. Een octrooibureau dat later jouw aanvraag beoordeelt, kan die publicatie gebruiken om nieuwheid te weerleggen.
Er zijn een paar uitzonderingen. In sommige landen, waaronder de Verenigde Staten, bestaat een “grace period” van twaalf maanden: een eigen publicatie telt dan niet mee als stand van de techniek als je binnen dat jaar een aanvraag indient. In Europa bestaat zo’n algemene grace period niet, met uitzondering van een beperkte regeling voor misbruik van informatie (onrechtmatige openbaarmaking door derden).
De praktische les: dien je octrooiaanvraag in vóór je uitvinding openbaar maakt. Als je eerder wilt publiceren of presenteren, bespreek dan eerst de opties met een octrooigemachtigde.
Wanneer is een octrooi industrieel toepasbaar?
Een uitvinding is industrieel toepasbaar als ze kan worden gemaakt of gebruikt op een technisch of industrieel gebied, inclusief de landbouw. Dit is de minst strenge van de drie basisvereisten en wordt zelden gebruikt als zelfstandige afwijzingsgrond. Toch sluit het bepaalde categorieën uit, zoals uitvindingen die puur theoretisch zijn of geen enkel praktisch nut hebben.
De eis van industriële toepasbaarheid zorgt er in de eerste plaats voor dat octrooien zijn voorbehouden aan technische uitvindingen met een concrete toepassing. Een chemische verbinding waarvan geen enkel gebruik bekend is, voldoet niet aan dit criterium. Zodra er echter één concrete toepassing aanwijsbaar is, voldoet de uitvinding doorgaans aan de eis.
Voor de meeste uitvindingen in sectoren als mechanica, informatietechnologie en chemie is industriële toepasbaarheid geen reëel obstakel. De focus bij de beoordeling van een aanvraag ligt vrijwel altijd op nieuwheid en inventiviteit.
Hoe controleer je of jouw uitvinding al bestaat vóór de aanvraag?
Vóór je een octrooi aanvraagt, is het verstandig een nieuwheidsonderzoek uit te voeren. Dat doe je door octrooidatabases te doorzoeken op vergelijkbare uitvindingen en door wetenschappelijke literatuur, vakbladen en producten op de markt te bekijken. Gratis toegankelijke databases zijn onder andere Espacenet (van het Europees Octrooibureau) en Google Patents.
Een nieuwheidsonderzoek geeft je twee voordelen. Ten eerste weet je of jouw uitvinding al bestaat en of een aanvraag zinvol is. Ten tweede krijg je inzicht in de stand van de techniek, wat helpt bij het formuleren van sterke octrooiconclusies die zich onderscheiden van bestaande uitvindingen.
Let op: een zelfstandig uitgevoerd nieuwheidsonderzoek heeft beperkingen. Niet alle octrooiaanvragen zijn direct openbaar, en het doorzoeken van databases vereist kennis van de juiste classificaties en zoektermen. Een professioneel nieuwheidsonderzoek door een octrooigemachtigde geeft een betrouwbaarder beeld en verkleint het risico op verrassingen tijdens de verleningsprocedure.
Hoe DOGIO je helpt bij het beoordelen en aanvragen van een octrooi
De vraag of jouw uitvinding octrooieerbaar is, verdient een eerlijk en deskundig antwoord voordat je tijd en geld investeert in een aanvraag. Wij helpen je daar concreet bij:
- Nieuwheidsonderzoek: we doorzoeken internationale octrooidatabases en relevante literatuur om de stand van de techniek in kaart te brengen.
- Octrooibaarheidsbeoordeling: we beoordelen of jouw uitvinding voldoet aan de eisen van nieuwheid, inventiviteit en industriële toepasbaarheid.
- Opstellen van de aanvraag: via ons Redigendis-platform stellen we octrooiteksten op die nauwkeurig, helder en strategisch sterk zijn.
- Begeleiding door de verleningsprocedure: we voeren correspondentie met het octrooibureau en verdedigen jouw aanvraag bij bezwaren.
- Advies over timing en publicatie: we geven praktisch advies over wanneer je kunt publiceren of presenteren zonder je octrooirechten te riskeren.
Wil je weten of jouw uitvinding in aanmerking komt voor octrooibescherming? Neem contact met ons op en we kijken samen naar de mogelijkheden.